Compacte stadsauto: Transport op de dakdragers

Afb. 86 Bevestigingspunten - 3-deurs
Afb. 86 Bevestigingspunten - 3-deurs

Afb. 87 Bevestigingspunten - 5-deurs
Afb. 87 Bevestigingspunten - 5-deurs

De bevestigingspunten A en B zijn aan beide zijden van de wagen " afb. 86 en " afb. 87 aangebracht.

Het uit- en inbouwen van de basisdrager gebeurt overeenkomstig de bijgevoegde handleiding.

Dakbelasting Het maximaal toegestane gewicht van de lading incl. de dragers is 50 kg.

ATTENTIE Voor de verkeersveiligheid bij het transport van lading op de dakdragers de volgende instructies in acht nemen.
  • De lading op de dakdragers altijd gelijkmatig verdelen en correct vastzetten met geschikte sjorriemen of spanbanden.

 

ATTENTIE (vervolg)
  • Bij het vervoeren van zware resp. grote voorwerpen op het dakdragersysteem kunnen de rijeigenschappen door de verplaatsing van het zwaartepunt veranderen. Uw rijstijl en snelheid daarom aan de omstandigheden aanpassen.
  • De toegestane dakbelasting, de toegestane asbelastingen en het maximaal toelaatbare gewicht van uw wagen mogen in geen geval worden overschreden - gevaar voor ongevallen!

 

VOORZICHTIG
  • Let erop, dat het panorama-schuif-kanteldak of de achterklep bij het openen niet de dakbelading raakt.
  • Let erop dat de dakantenne niet door de vervoerde lading wordt geraakt.

Let op Wij adviseren om dakdragers uit het originele ŠKODA accessoireprogramma te gebruiken.

    READ NEXT:

     Verwarming en ventilatie

    Verwarming, handbediende airconditioning, Climatronic

     Inleiding voor het onderwerp

    De verwarming verwarmt en ventileert het interieur van de wagen. De airconditioning koelt en droogt het interieur. Het verwarmingsvermogen is afhankelijk van de koelvloeistoftemperatuur, het volledige verwarmingsvermogen wordt daarom pas bij b

     Verwarming en handbediende airconditioning

    Afb. 88 Verwarmingsbedieningselementen Afb. 89 Bedieningselementen van de airconditioning De verschillende functies kunnen worden ingesteld of ingeschakeld door het draaien aan de betreffende draaiknop of het indrukken van de betreffende

    SEE MORE:

     Een benzinemotor starten

    N.B.: De startmotor kan slechts een beperkte periode worden bediend (bijvoorbeeld 10 seconden). Het aantal startpogingen is beperkt tot ongeveer zes. Als deze limiet wordt overschreden, dan laat het systeem pas nieuwe pogingen toe

     MyKey aanmaken

    Steek de sleutel die u wilt programmeren in het contactslot. Zet het contact aan. Verkrijg toegang tot het hoofdmenu via het informatiedisplay. Selecteer MyKey en druk op de knop OK of de pijl naar rechts. Selecteer Maak MyKey en d