Compacte stadsauto: Climatronic (automatische airconditioning)

Afb. 90 Bedieningselementen van de Climatronic
Afb. 90 Bedieningselementen van de Climatronic

Afzonderlijke functies kunnen worden ingesteld resp. ingeschakeld door de betreffende toets in te drukken " afb. 90. Bij ingeschakelde functie verschijnt op het display het betreffende symbool.

  1. Temperatuur instellen
    Temperatuur verhogen / Temperatuur verlagen
  2. Gekozen temperatuur
  3. Temperatuureenheden (graden Celsius/Fahrenheit)
  4. Intensieve luchtstroom naar de voorruit ingeschakeld
  5. Circulatiefunctie ingeschakeld
  6. Luchtstroomrichting
  7. Automatische werking van de airconditioning ingeschakeld
  8. Koelfunctie ingeschakeld
  9. Ingesteld aanjagertoerental
  10. Aanjagertoerental instellen
    Toerental verhogen
    Toerental verlagen tot het uitschakelen van de Climatronic
  11. Interieurtemperatuursensor

Intensieve luchtstroom naar de voorruit in-/uitschakelen - bij ingeschakelde functie brandt in de toets het controlelampje

Circulatiefunctie in-/uitschakelen

Luchtstroom naar de ruiten in-/uitschakelen

Luchtstroom naar het bovenlichaam in-/uitschakelen

Luchtstroom naar de voetenruimte in-/uitschakelen

Automatische regeling inschakelen

Koelfunctie in-/uitschakelen

Na het uitschakelen van de koelfunctie blijft alleen de ventilatiefunctie actief, waardoor geen lagere temperatuur dan de buitentemperatuur kan worden bereikt.

Temperatuur instellen Tussen 16 en 29 wordt de temperatuur automatische geregeld.

Bij een temperatuurinstelling onder 16 ºC brandt in het display , de Climatronic werkt met maximale koelcapaciteit.

Bij een temperatuurinstelling boven 29 brandt in het display , de Climatronic werkt met maximale verwarmingscapaciteit.

VOORZICHTIG De interieurtemperatuursensor 11 " afb. 90 niet afdekken - de werking van de Climatronic kan ongunstig worden beïnvloed.

Let op Om voldoende warmtecomfort te garanderen, kan tijdens de werking van de Climatronic onder omstandigheden het stationair toerental worden verhoogd.

    READ NEXT:

     Climatronic - Automatische regeling

    De automatische regeling dient ertoe de temperatuur constant te houden en de ruiten in het interieur te ontvochtigen. Om in te schakelen de toets indrukken. Op het display wordt (Pos.7 " afb. 90 ) weergegeven. Om uit te schakelen een w

     Luchtroosters

    Afb. 91 Luchtroosters Bij de luchtroosters 3 " afb. 91 kan de richting van de luchtstroom worden gewijzigd en kunnen de luchtroosters ook afzonderlijk worden gesloten en geopend. Om het luchtrooster te openen, op de buitenste rand van de

     Infotainment

    Radio Swing / Blues

    SEE MORE:

     Inleiding voor het onderwerp

    Correct omgegespte veiligheidsgordels bieden een goede bescherming bij ongelukken. Ze verkleinen het risico op lichamelijk letsel aanzienlijk en vergroten de kans een zwaar ongeval te overleven. De gordels reduceren de bewegingsenergie aanzi

     Gloeilampjes in het achterlicht vervangen

    Afb. 182 Binnenste gedeelte van het achterlicht Gloeilampje vervangen De vergrendellippen op de fitting indrukken " afb. 182 - A en de houder uit de lamp verwijderen. Het betreffende gloeilampje tot de aanslag linksom draaien en uit d