Compacte stadsauto: Inleiding voor het onderwerp

Vóór elke rit de juiste zithouding innemen en deze houding ook tijdens de rit niet wijzigen. Ook de passagiers erop wijzen de juiste zithouding in te nemen en deze houding ook tijdens de rit niet te wijzigen.

Voor de bijrijder gelden de volgende aanwijzingen die, indien ze niet worden opgevolgd, tot zwaar of dodelijk letsel kunnen leiden.

  • Niet tegen het dashboard leunen.
  • De voeten niet op het dashboard leggen.

Voor alle inzittenden gelden de volgende aanwijzingen die, indien ze niet worden opgevolgd, tot zwaar of dodelijk letsel kunnen leiden.

  • Niet alleen op het voorste deel van de zitting gaan zitten.
  • Niet dwars op de stoel gaan zitten.
  • Niet uit de ruiten leunen.
  • De ledematen niet in de ruitopeningen steken.
  • De voeten niet op de zitting leggen.
ATTENTIE
  • Instelbare stoelen en alle hoofdsteunen moeten altijd overeenkomstig de lichaamslengte worden ingesteld en de veiligheidsgordels moeten altijd goed omgegespt zijn, zodat de inzittenden zo optimaal mogelijk worden beschermd.
  • Iedere inzittende in de wagen moet de bij die zitplaats horende veiligheidsgordel juist omgespen en dragen. Kinderen moeten met een geschikt veiligheidssysteem worden vastgezet, Veilig vervoer van kinderen.
  • Tijdens het rijden mag de leuning niet te schuin naar achteren staan, omdat anders de werking van de veiligheidsgordels en de airbags in negatieve zin worden beïnvloed - gevaar voor verwondingen!

 

ATTENTIE Door een verkeerde zithouding stelt de inzittende zich bloot aan levensgevaarlijk letsel.

    READ NEXT:

     Juiste zithouding van de bestuurder

    Afb. 4 Juiste zithouding van de bestuurder / juist vasthouden van het stuurwiel Met het oog op uw eigen veiligheid en om het gevaar voor verwondingen bij een ongeval te verminderen, moeten de volgende aanwijzingen in acht worden genomen.

     Stand van het stuurwiel instellen

    Afb. 5 Stuurwielstand instellen Het stuurwiel kan in hoogte worden ingesteld. De borghendel onder het stuurwiel in pijlrichting 1 zwenken " afb. 5. Het stuurwiel in de gewenste stand zetten. Het stuurwiel kan in pijlrichting 2 worden ve

     Juiste zithouding van de bijrijder

    Met het oog op de veiligheid van de passagier en om het gevaar voor verwondingen bij een ongeval te verminderen, moeten de volgende aanwijzingen in acht worden genomen. De bijrijdersstoel zo ver mogelijk naar achteren schuiven. De bijrijder

    SEE MORE:

     Elektromagnetische compatibiliteit

    WAARSCHUWINGUw auto is getest en gecertificeerd volgens de wetgeving betreffende elektromagnetische comptabiliteit (72/245/EEC, UN ECE Regeling 10 of andere geldende lokale vereisten). U dient ervoor te zorgen dat apparatuur die u h

     Gloeilampje van knipperlicht voor vervangen

    Afb. 177 Gloeilampje van knipperlicht voor vervangen: Variant 1 / variant 2 De fitting met het gloeilampje tot de aanslag in pijlrichting 1 " afb. 177 draaien. De fitting met het gloeilampje in pijlrichting 2 verwijderen. Het defecte