Compacte stadsauto: Handmatige klimaatregeling

Handmatige klimaatregeling

  1. Aanjagersnelheid: Regelt de hoeveelheid lucht die in de auto circuleert. Draai deze knop om de gewenste snelheid te selecteren of de aanjager uit te schakelen. Als u de aanjager uitschakelt, kan de voorruit beslaan.
  2. Luchtrecirculatie: Druk op de toets om te kiezen tussen toevoer van buitenlucht en gerecirculeerde lucht. Wanneer u luchtrecirculatie selecteert, gaat het lampje in de toets branden en wordt de lucht in het passagierscompartiment gerecirculeerd. Hierdoor kan het koelen van het interieur minder lang duren en kunnen ongewenste geuren van buiten verminderd worden.
  3. Temperatuurregeling: Regelt de temperatuur van de lucht die in de auto circuleert. Draai de knop voor de gewenste temperatuur. Als u MAX A/C selecteert, worden de luchtrecirculatie en de A/C automatisch ingeschakeld en de temperatuur op minimaal gezet, behalve wanneer de luchtmodus in de voorruitstand is gezet. In dat geval werkt de luchtrecirculatie niet. Als A/C of luchtrecirculatie wordt uitgeschakeld, wordt de functie MAX A/C automatisch uitgeschakeld.
  4. Airconditioning (mits aanwezig): druk op de toets om de airconditioning in of uit te schakelen. De airconditioning koelt uw auto af. Om de prestaties van de airconditioning te verbeteren, rijdt u de eerste twee of drie minuten met de ruiten iets geopend.
  5. Luchtverdelingsregeling: Pas de instelling aan om de gewenste luchtverdeling te selecteren.
  6. Verwarmde achterruit: hiermee wordt de verwarmde achterruit in- of uitgeschakeld. Zie Verwarmde ruiten.
Missing Image Druk op de toets om de lucht via de luchtroosters in het dashboard te verdelen. Missing Image Druk op de toets om de lucht via de luchtroosters in het dashboard en de voetruimte te verdelen.
Missing Image Druk op de toets om de lucht via de luchtroosters in de voetruimte te verdelen. Missing Image Druk op de toets om de lucht via de luchtroosters voor de voorruit en in de voetruimte te verdelen.
Missing Image Druk op de toets om de lucht via de luchtroosters voor de voorruit te verdelen. U kunt deze instelling ook gebruiken om de voorruit te ontdooien en van een dun laagje ijs te ontdoen. U kunt ook de temperatuur en de aanjagersnelheid verhogen om het ontwasemen te verbeteren.

N.B.: Wanneer ontdooien wordt geselecteerd, wordt de airco automatisch ingeschakeld en de luchtrecirculatie op buitenlucht gezet. U kunt de luchtrecirculatie inschakelen of de airconditioning uitschakelen door weer op de toets A/C te drukken.

    READ NEXT:

     Automatische klimaatregeling

    Aanjagersnelheid: Regelt de hoeveelheid lucht die in de auto circuleert. Draai de knop voor de gewenste aanjagersnelheid. De instelling verschijnt op het display. MAX A/C: Druk op de toets voor maximale koeling. Door

     Tips voor de klimaatregeling in het interieur

    Algemene tips WAARSCHUWINGWanneer de luchtrecirculatiestand langdurig wordt ingeschakeld, kunnen de ruiten beslaan. Wanneer de ruiten beslaan, stel dan de standen in om de voorruit te ontwasemen. N.B.: Het is mogelijk dat er wat lu

     Verwarmde ruiten

    N.B.: Zorg dat de motor draait voordat u de verwarmde achterruit inschakelt Verwarmde achterruit (HRW) Druk op de knop om een dunne laag ijs of condens van de verwarmde achterruit te verwijderen. Druk op de knop om het systeem uit t

    SEE MORE:

     Spoiler

    ATTENTIE Als uw nieuwe wagen is uitgerust met een originele spoiler op de voorbumper in combinatie met de spoiler op de achterklep, moeten de volgende aanwijzingen in acht worden genomen - anders bestaat gevaar voor ongevallen en zware

     De motorkap openen en sluiten

    Motorkap openen Trek aan de ontgrendelhendel. Verplaats de vergrendelnok naar links. Open de motorkap en ondersteun deze met de motorkapsteun. Motorkap sluiten Verwijder de motorkapsteun van de vergrendelnok en zet deze